Historie

Oude Rijn

Rijnstrangen is een rivierkleigebied gevormd door oude riviergeulen en rivierafzettingen tijdens regelmatige overstromingen. Om overstromingen tegen te gaan is men in de middeleeuwen begonnen met het aanleggen van dijken. Eerst in de buurt van nederzettingen, later zijn de stukken dijk met elkaar verbonden. Desondanks vonden er nog regelmatig overstromingen plaats ten gevolge van dijkdoorbraken.

1

Figuur 2.1 Reconstructie van de loop van de Rijn en de Waal vanaf 1300 bij de splitsing in de omgeving van Lobith

Tot 1690 voerde de Waal 90 % af en slechts 10 % ging naar de Nederrijn en de IJssel. Na de aanleg van het Pannerdensch Kanaal in 1707 zijn de huidige gebiedsgrenzen ontstaan. De wateroverlast was echter nog niet voorbij. Er ging soms tot wel 50 % naar de Nederrijn/IJssel, wat daar weer de nodige dijkdoorbraken veroorzaakte, zowel bij de Liemers en de Oude Rijn als bij meer stroomafwaartse delen van de Nederrijn, Lek en IJssel (zie figuur 2.1). Ook ging de Rijn hevig meanderen en moest het dorp Herwen verplaatst worden.

2

Figuur 2.2 Dijkdoorbraken langs de Oude Rijn, Pannerdensch Kanaal en IJssel in de 18e en 19e eeuw (Driessen et. al., 2000)

Eind 18e eeuw hebben verbeteringswerken ervoor gezorgd dat de Rijn bij Lobith werd rechtgetrokken, dijken werden verstevigd en de afwatering via het Pannerdensch kanaal verbeterde. Voor de verdeling van Rijnwater, via de Waal, Nederrijn en IJssel hadden de Staten van Gelderland, Holland, Utrecht en Overijssel in 1745 een regeling getroffen: de Waal kreeg 6/9, de Nederrijn 2/9 en de IJssel 1/9. Sinds de inwerkingtreding van de Spijkse Overlaat in 1745 liep Rijnstrangen jaarlijks en soms twee keer per jaar onder water. De overlaat werd gebouwd samen met dijkwerkzaamheden die het land bij de Oude Rijnstrang moesten beschermen. Om wateroverlast in Duitsland te voorkomen stond in het Grenstraktaat van 1818 een maximale hoogte voor afsluiting van de Oude Rijn. In 1921 kreeg Nederland het recht om de Spijkse overlaat hoogwatervrij af te sluiten. Afgesproken werd dat de overlaat opgehoogd zou worden tot vijftien meter boven NAP en dat na vijf jaar de totale sluiting een feit zou zijn. In 1956 werkte de overlaat voor het laatst. In het volgende jaar werd de dam opgehoogd tot bandijkhoogte. In 1959 werd het Pannerdensch Kanaal verruimd. In 1969 is gemaal Kandia opgeleverd. Het gemaal bemaalt de Rijnstrangen bij hoog water op het Pannerdensch kanaal. Recent zijn verdeelwerken bij de Hondsbroeksche pleij (2012) en Pannerden (2014) opgeleverd. Bij hoge waterstanden dragen ze bij aan de waterverdeling tussen de Waal, het Pannerdensch Kanaal, Nederrijn en de IJssel.

De Liemers-Bevermeer

De Liemers-Bevermeer maakte onderdeel uit van het rivierenlandschap. Kenmerkend voor het landschap zijn de kommen met zware compacte klei en de hogere oeverwallen. Van oudsher is het een gebied waar regelmatig overstromingen plaatsvonden. In de Liemers vond voor de aanleg van dijken bewoning plaats op de hogere delen van de oeverwal. Hier zijn dan ook de steden Westervoort, Duiven en Zevenaar ontstaan. Dijken werden eerst aangelegd om deze gebieden te beschermen en later met elkaar verbonden. Er vonden echter nog wel vaak dijkdoorbraken plaats (zie figuur 2.1). Uitwatering van het bedijkte gebied ging via gegraven afvoerkanalen. Bij hoge rivierwaterstanden kon er niet onder vrij verval op de rivieren geloosd worden. Om de waterstanden binnen het gebied beter te kunnen regelen werden er polders aangelegd met een netwerk van watergangen en peilregulerende kunstwerken, waaronder stoomgemaal Liemers (1884). De ontginning van de komgronden is in het landschap herkenbaar aan de vele evenwijdige sloten.

Het huidige watersysteem in de Liemers – Bevermeer is grotendeels in jaren ’60 en ’70 tot stand gekomen. In 1965 is Gemaal Bevermeer ontwikkeld om sluiting van de sluizen van het Polderdistrict van de Baarbroeksche Dijk en de Angerlosche Zomerdijken mogelijk te maken. In 1981 is het oude Gemaal Liemers vervangen voor een nieuw gemaal met dezelfde naam.

Veluwe

De stuwwallen van de Veluwe zijn gevormd door landijs gedurende de voorlaatste ijstijd (zie bodem en ondergrond). Op de stuwwallen ontspringen, gegraven sprengenbeken die het water van de zuidrand van de Veluwe naar de grote rivieren afvoeren. De sprengenbeken en watermolens waren in de 17e en 18e eeuw belangrijk voor ondermeer de papiernijverheid. Vanaf 1850 werden watermolens steeds meer gebruikt als wasserij. Sommige industrieën gebruikten niet langer de watermolens maar nog wel het water als proceswater of om te lozen. De sprengenbeken werden nog onderhouden. In de jaren ’60 en ’70 van de 20e eeuw raakten steeds meer beken buiten gebruik en takelden de beekdalen af.

In de lagere delen van Arnhem en Velp zorgde de combinatie van rivierkwel en hevige regen ook in het verleden al tot wateroverlast. Om betere uitwatering van deze polders te realiseren werden in het verleden spuisluizen en (wind)bemaling aangelegd. In de 20e eeuw werden deze vervangen door gemalen (zie ook Peilbeheer).

In 1997 gingen het Polderdistrict Rijn en IJssel, Waterschap De Berkel, Waterschap De Schipbeek, Waterschap IJsselland-Baakse Beek, Waterschap van de Oude IJssel en het Zuiveringsschap Oostelijk Gelderland op in het Waterschap Rijn en IJssel (WRIJ). Omdat het Zuiveringsschap Oostelijk Gelderland ook Arnhem en de het zuidelijke deel van de Veluwe omhelsde maakt dit onderdeel uit van het Waterschap Rijn en IJssel. Tot die tijd werd het waterbeheer op de Veluwe door de gemeenten zelf uitgevoerd.

Literatuur

[001LV] Een noodverband tegen hoog water, Waterkennis, beleid en politiek rond noodoverloopgebieden (Rapport 2006)

[003A] De Rijntakken van de bovenrivieren seder 1600 (Rapport, 2003)

[004A] Gij beken eeuwig vloeiend; Water in de streek van Rijn en IJssel’ (Boek, 2000).

[005LV] Bekenvisie (2007)

[011LV] Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend en verkennend booronderzoek Plantsoensingels Noord en Midden te ‘s-Heerenberg, Gemeente Montferland (Rapport 2011)

[012LV] Het Veluwse sprengenlandschap; Een cultuurmonument (Rapport 2002)

[014LV] Geschiedenis Liemers-Veluwe (Memo)

[046A] Strijd om de rivieren (Rapport, 2007)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten


Aerdt - Aerdtsedijk 1960 - foto Heemkundekring Rijnwaarden

Aerdtsedijk 1960

C Spijkse Overlaat

Spijkse Overlaat in werking

Schenkenschans 1 - ca. 1750

Kaart Schenkenschans ca 1750

2

Dijkdoorbraken langs de Rijntakken

Schipbrug Pz 1 ct.

Schipbrug bij Westervoort

Stembussen Lathum en Babberich

Stembussen Lathum en Babberich

ten brinke 01

Wateroverlast

Wapen Waterschap de Schipbeek

Wapen
Tuindorp 1995 1 - coll. Heemkundekring Rijnwaarden

Hoog water bij Tuindorp 1995