Zoeken

Afvalwater van mestverwerkingsinstallatie lozen op oppervlaktewater - Mogelijkheid onder Vergunningplicht


Denkt u er over om mest te gaan verwerken en afvalwater uit dit proces te gaan lozen op oppervlaktewater of op de riolering? Maak dan eerst een afspraak met een vergunningverlener van het waterschap via de link 'vooroverleg aanvragen' op deze pagina of via telefoonnummer (0314) 369783 .

Denkt u er over om mest te gaan verwerken en afvalwater uit dit proces te gaan lozen op oppervlaktewater of op de riolering? Maak dan eerst een afspraak met een vergunningverlener van het waterschap de link op deze pagina of via telefoonnummer (0314) 369783 .

Hij of zij kan u in een persoonlijk gesprek vertellen:

  • hoe de vergunningprocedure voor een watervergunning en/of melding Activiteitenbesluit (besluit van de minister op basis waarvan vergunningverlening plaatsvindt.) Milieubeheer in elkaar steekt
  • aan welke wetgeving en beleid het waterschap uw aanvraag toetst
  • en welke informatie noodzakelijk is om de vergunningprocedure om te komen tot een ontvankelijke volledige aanvraag, en het proces zo voorspoedig mogelijk en snel te doorlopen.

Ter voorbereiding op dit gesprek zijn de volgende vragen van belang:

  • welke installatie denkt u neer te gaan zetten?
  • Omvang van de installatie.
  • Zuiveringsstappen in het proces.
    • Welke hoeveelheden denkt u te gaan lozen (max aantal m3 per uur en per dag)?
    • Wat is de samenstelling van dat water (ammonium, fosfaat, zware metalen, temperatuur e.d.)? Heeft u bv. analyseresultaten van een vergelijkbare installatie?
    • Waar wilt u gaan lozen? Op oppervlaktewater of op riolering of bodeminfiltratie? Bij lozing op de riolering of in de bodem moet u (ook) contact opnemen met een vergunningverlener van de gemeente en/of provincie.

Mest verwerken

Ontwikkelingen in de meststoffenwetgeving leiden onder meer tot een toenemende behoefte en noodzaak tot ingebruikname van mestverwerkingsinstallaties (MVI’s). Bij het verwerken van mest kan afvalwater vrijkomen. Het lozen van dit afvalwater direct op oppervlaktewater of, via de riolering en een rioolwaterzuiveringsinstallatie (rwzi (rioolwaterzuivering)) indirect op een oppervlaktewater, of bodeminfiltratie is aan regels gebonden. Deze regels zijn opgesteld om de kwaliteit van het oppervlaktewater te beschermen en de doelmatige werking van de rwzi niet in gevaar te brengen.

Bedrijven die een MVI willen oprichten kunnen bij het ontwerpen daarvan rekening houden met de eisen die het waterschap zal stellen.

Afvalwater van een MVI

Mestverwerking begint vaak met het scheiden in een dikke (vaste) fractie en een dunne (waterige) fractie. Bij verdere verwerking van de dunne fractie ontstaat afvalwater. Uit diverse onderzoeken is bekend dat in dit afvalwater nog antibiotica en (resistente) bacteriën aanwezig zijn. Ook blijkt uit analyses van bemonsterd afvalwater afkomstig van bestaande MVI’s dat het afvalwater grote hoeveelheden zouten bevat. Vanuit het oogpunt van volksgezondheid en milieu is het ongewenst dat dit afvalwater zonder afdoende voorzuivering in het milieu terecht komt. Ook is gebleken dat antibiotica, resistente bacteriën en de zoutvracht slechts zeer beperkt afbreekbaar zijn in de rwzi. Dit betekent dat deze stoffen na het zuiveringsproces op de rwzi alsnog worden geloosd op oppervlaktewater.