Ondiep (freatisch) grondwater

Het beheersgebied van de Baakse Beek kent droge en natte gebieden (kaart 7.1).

De natte plekken hebben een grondwatertrap van I t/m IV. De oorzaak is vaak de stagnatie van grondwaterstroming of kwel:

  • De zone langs de terrasrand en het Aaltense Goor ten zuiden van Lichtenvoorde op de rand met stroomgebied van de Oude IJssel;
  • De (voormalige) veengebieden rond het Wolfersveen, ten oosten van Zelhem. Vanwege de diepe zanderige ondergrond ervaart men in het Wolfersveen ook vochttekorten bij langere periode’s van droogte;
  • het Ruurlosche Broek gelegen op de grens met beheersgebied Berkel, vlak voor de Van Heeckerenbeek zich afsplitst van de Baakse Beek;
  • De lage delen langs de Baakse Beek tussen Ruurlo en Vorden;
  • Het gebied ten (noord)westen van Hengelo met het stroomgebied van de Hengelose Beek en diverse (voormalige) broekgebieden;
  • Het stroomdal van de Grote Beek, de Hummelose Beek, de Leigraaf en de Kleine Beek;

Er is een relatief groot oppervlak aan gebieden met een grondwatertrap van VII of VIII, dit zijn droge gebieden, het betreft vooral:

  • de plateaurand ten oosten van Lichtenvoorde;
  • de hogere dekzandruggen verspreid in het oostelijk deel van het beheersgebied;
  • de voormalige rivierduinen in het westen van het beheersgebied, zoals tussen Doetinchem en Doesburg en langs de IJssel.

Ook zijn enkele gebieden in het verleden aangewezen als TOP-gebied vanwege verdroging. Het gaat ondermeer om enkele landgoederen: Wiersse/Medler, Kieftskamp, Vorden, en Hackfort/Suideras en de beekdalen van de Baakse Beek en de Lindense Laak.

7.1 GWT

Kaart 7.1Grondwatertrappen in het beheersgebied van de Baakse Beek

Als gevolg van verschillen in de opbouw van de ondergrond is er sprake van lokale grondwatersystemen:

  • Op de terrasrand is veel variatie in grondwaterstanden. Ze variëren hier in de hogere delen van 0,40 tot 0,80 m- mv (bij GHG) tot dieper dan 2,40 m-mv (bij GLG);
  • In de overgangszone tussen Groenlo en Aalten met het grootste hoogteverschil is het aanzienlijk droger en is de ontwateringsdiepte jaarrond dieper dan 1,40 m-mv;
  • Aan de voet van de terrasrand is het natter door de aanwezige kwel;
  • Op grotere afstand van de terrasrand, zoals in het Aaltense Goor zijn de natte omstandigheden veelal te danken aan het vasthouden van regenwater;
  • In de bovenlopen van de Baakse Beek en de Veengoot is de ontwateringsdiepte gelijkmatiger en zijn er minder lokale peilverschillen. Over het algemeen liggen de hoogste grondwaterstanden tussen 0,40 en 0,80 m-mv en de laagste tussen 1,20 en 1,80 m-mv;
  • Uitzonderingen vormen de omgeving van Koolmansdijk, de omgeving Zieuwent, het Ruurlosche Broek en de omgeving Konijnendijk. Hier is het natter en liggen de grondwaterstanden circa 0,40 m hoger;
  • In de landgoederenzone en richting het rivierengebied worden hoge droge delen afgewisseld met lage natte delen. Maar ook de hoger gelegen delen (kampen) in het landschap hebben een relatief grote ontwateringsdiepte. Deze varieert gedurende het jaar tussen 0,80 en 1,40 m-mv. De natte delen kennen globaal een ontwateringsdiepte van 0,40 tot 0,80 m-mv, waarbij de ontwateringsdiepte in de lage delen van de landgoederen vaak kleiner is dan 0,40 m-mv.
  • In het rivierengebied kunnen grondwaterstanden zeer hoog stijgen, vooral in de winter en het voorjaar wanneer kwelstromen uit de IJssel naar het gebied worden gecombineerd met diepere grondwaterstromingen vanuit het oosten. In de zomer zakken de peilen onder invloed van een laag IJsselpeil echter ver weg, waardoor er nauwelijks kwel tot aan het maaiveld stijgt.
  • Sommige natte gebieden staan onder invloed van regionale kwel (zie kwel en wegzijging) andere gebieden hebben te maken met een combinatie van lokale kwel, lage ligging en stagnatie van regenwater op slechtdoorlatende oude kleigrond, zoals Het Baakse Broek en Het Broek bij oude Hengelose Beek

Literatuur

[001BB] Integrale visie Baakse Beek-Veengoot, ‘Herstel de sponswerking’ (Rapport, 2007)

[008BB] Aaltense Goor waterberging en natuurherstel (Rapport, 2012)

[009BB] Basisafvoer van de Baakse Beek, onderzoek naar perspectieven voor aquatische natuur in een laaglandbeek (Rapport, 2013)

[021BB] Water naar ’t Klooster dragen, ‘monitoring verdrogingsbestrijding’ (Rapport, 1998)

[022BB] ‘Haalbaarheidsonderzoek bestrijding verdroging: Project ’t Zand/De Wiersse’ (Rapport, 1994).

[023BB] Gebiedsdosier Gelderland, Winning ’t Klooster (Rapport, 2012)

[024BB] Integrale evaluatie waterinlaat ’t Klooster 1997-2005 (Rapport, 2008)

[025BB] Gebiedproces Baakse Beek-Veengoot, Bouwsteen Water (Rapport, 2010)

[032BB] Kansenkaart water- en landnatuur Oosterwijkse Vloed en Hengelose Beek (Rapport, 2014)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.


7.1 GWT

Kaart 7.1 Grondwatertrappen beheersgebied Baakse Beek