Ecologie

De ecologische waterkwaliteit wordt voor de KRW vastgelegd in factsheets.

Hydromorfologie & waterbodem

De hydromorfologie van wateren is kunstmatig of sterk aangetast ten opzichte van de natuurlijke situatie, met genormaliseerde profielen en vast peilbeheer. Op een enkel stuk bij Hackfort na zijn er geen kades. De waterlichamen stromen maar heel beperkt door stedelijk gebied. Alleen de Oosterwijkse Vloed stroomt door Hengelo en de Baakse Beek door/langs Lichtenvoorde, Ruurlo en Vorden.

Door het ontginnen van moerassen en veengebieden, de verbetering van detailontwatering en de ruime dimensionering van het watersysteem wordt water minder lang vastgehouden. Het afvoerregime is hierdoor grillig. In vergelijking met de situatie voor de verbeteringswerken (zie historie) wordt het water in natte periodes sneller afgevoerd. Tijdens droge periodes treed eerder afvoerloosheid en droogval op. Dit is vaak ongunstig voor flora- en faunasoorten die kenmerkend zijn voor stromende beken.

Terrasrandbeken van de Baakse Beek

De Nieuwe Beek vormt de verbinding tussen de Baakse Beek en de bovenstroomse terrasrandbeken: zoals Vragenderbeek, Lievelderbeek, Wijenborgerbeek en Visserijbeek. Het zijn relatief kleine watergangen met veel oeverbegroeiing een redelijk natuurlijk uiterlijk maar weinig variatie in dwarsprofiel. De beken zijn vaak relatief diep ingesneden door de korte heftige piekafvoeren als gevolg van sterk verhang binnen stroomgebied, bodemkarakteristieken en buisdrainage. Om stroming (bij pieksituaties) te beperken zijn knijpstuwen aangebracht. Ook werd insnijding in het verleden tegengegaan met ipro-keien. Deze zijn later grotendeels weer verwijderd ten behoeve van een meer natuurlijke beeksystemen.

Bovenloop Baakse Beek

Het bovenstroomse deel van de Baakse Beek is een genormaliseerde en doorgaans een zeer traag stromende of stagnante beek, ookwel moeraslandbeek genoemd. Om het peil te reguleren zijn er 7 stuwen in dit deel van de Baakse Beek.

Benedenloop Baakse Beek

De benedenloop van de Baakse Beek stroomt door de landgoederenzone met oude (broek)bossen en kwelgebieden. In het algemeen behoudt de beek zijn civieltechnisch karakter, maar plaatselijk heeft de beek natuurvriendelijke inrichting met meanders. In het benedenstroomse deel zijn 14 stuwen aanwezig. De beek is soms afvoerloos gedurende de zomermaanden. De piekafvoeren vlak na de splitsing met de Van Heeckerenbeek zijn klein omdat het grootste deel van de bovenstroomse aanvoer via de Van Heeckerenbeek naar de Veengoot wordt afgeleid. In benedenstroomse richting neemt de afvoer toe. Echter, door de grote capaciteit ten opzichte van de debieten blijven de stroomsnelheden relatief laag, vergeleken met bijvoorbeeld de Veengoot.

Bovenstrooms van de Veengoot: Zilverbeek

De Zilverbeek is de belangrijkste bovenloop van de Veengoot. Het is een sterk gekanaliseerd en genormaliseerd beekje. Boven- en benedenloop zijn gegraven ten behoeve van drainage van natte gebieden (moerassen en broekgebieden) op en onder aan de terrasrand. De middenloop, op de terrasrand zelf, was van nature aanwezig. Het afvoerregime is erg grillig met hoge piekafvoeren door de aanwezigheid van ondiep keileem. Door deze grote afvoeren heeft de Zilverbeek zich diep ingesneden. In droge periodes kan de afvoer in delen van de Zilverbeek stagneren.

Veengoot

Het merendeel van de Veengoot is gegraven ten behoeve van drainage van voormalige moerassen bij de terrasrand en in het centrale bekken (zie historie). De Veengoot is een genormaliseerde en ruim gedimensioneerde watergang. Op verschillende trajecten zijn de oevers van de Veengoot natuurvriendelijk ingericht (ter hoogte van het Wolfersveen, bovenstrooms stuw ‘t Sikkeler en nabij Huize Onstein). Nabij de Zanddijk in Halle is de beek verlegd voor een natuurlijker inrichting. Ook enkele zijtakken van de Veengoot zijn lokaal natuurvriendelijk ingericht, waaronder delen van de Lindese Laak.

De Veengoot is niet het gehele jaar watervoerend en tijdens droge periodes vallen de bovenstroomse delen van de watergangen droog. Om het peil te regelen zijn in de Veengoot 13 stuwen geplaatst. Geen van de stuwen zijn vispasseerbaar. De Lindense Laak valt regelmatig droog, net als veel aanvoerende waterlopen in de bovenloop van het stroomgebied.

Oosterwijkse Vloed

De Oosterwijkse Vloed stroomt door landbouwgebied en is volledig gekanaliseerd en genormaliseerd. Om het peil te regelen zijn in de Oosterwijkse Vloed 18 stuwen aangelegd. De Oosterwijkse Vloed is niet het gehele jaar watervoerend. Tijdens droge periodes vallen de delen van de watergangen bovenstrooms van Hengelo droog (zie ook watersysteembeschrijving Oosterwijkse Vloed). In het benedenstroomse deel blijft de grondwaterstand in de zomer relatief hoog waardoor de beek niet droogvalt.

De aanvoerleiding vanaf gemaal ’t Klooster vormt de verbindende watergang tussen de Veengoot en de Oosterwijkse Vloed. De watergang is volledig kunstmatig en een groot deel van het jaar afvoerloos, als de Veengoot bij ‘t Sikkeler geen water meer aanvoert.

Grote Beek

De Grote Beek is sterk genormaliseerd en gekanaliseerd. Plaatselijk zijn natuurvriendelijke inrichtingen uitgevoerd in de vorm van plas-dras oevers, vooral in de bovenstroomse delen van de beek en zijtakken. In het KRW waterlichaam (inclusief de Heidenhoekse Vloed) zijn 12 stuwen die in 2015 allen vispasseerbaar zullen zijn net als het gemaal Grote Beek.

De Grote Beek wordt gevoed door uittredend grondwater en een netwerk van watergangen typisch voor een landbouwgebied. De Grote Beek is net als de Hummolese Beek/Leigraaf en de Rode Beek een SED-beek (type grondwaterbeek, zie natuur). De beken hebben plaatselijk een natuurlijk karakter.

Waterplanten

Pm

Vis

De vissamenstelling in de stroomgebieden van de Baakse Beek wordt gekenmerkt door soorten van plantenrijke niet stromende wateren, zoals baars, blankvoorn. Door langdurige stagnatie en lokale droogval is de soortensamenstelling matig ontwikkeld, vooral wat betreft stromingsminnende en migrerende soorten. Opvallend is de vangst van Noord-Amerikaanse zonnebaarzen in verschillende lengteklasses op meerdere plaatsen in de Baakse Beek en Veengoot. Er kan dus inmiddels gesproken worden over een zichzelf instandhoudende populatie. Er zijn grote modderkruipers waargenomen in de Veengoot en het Aaltense Goor en omgeving. In de benedenloop van de Baakse Beek – Veengoot zijn hoge dichtheden exotische marmergrondel aanwezig. De vissamenstelling van de Grote Beek wordt gekenmerkt door veel waterplantminnende soorten, waaronder de bittervoorn. Ook hier komt de marmergrondel voor.

De terrasrandbeken hebben een beperkte vissamenstelling. Dit heeft te maken met het droogvallen van sommige van deze beken, de geringe diepte en de hoge ijzergehalten waardoor weinig soorten zich kunnen handhaven.

In de Grote Beek en het benedenstroomse deel van de Baakse Beek (tot de van Heeckerenbeek) wordt gewerkt aan de vispasseerbaarheid van stuwen. In de Oosterwijkse Vloed en de Veengoot worden de stuwen niet vispasseerbaar gemaakt.

Macrofauna

De terrasrandbeken zijn ijzerrijk. Vooral in de bovenstroomse delen ligt zoveel ijzerslib op de bodem en substraten dat de macrofaunagemeenschap weinig divers is. Wel kan men nog minder algemene keversoorten van de familie Hydroporus en Agabus aantreffen. In het vlakkere deel, na RWZI Lichtenvoorde, groeit de Baakse Beek in de zomer vol met flab, sterrekroos, eendenkroos en smalle waterpest. In de beek domineren wantsen en kevers welke een stagnant systeem indiceren. Als positieve soorten kunnen de kokerjuffers Limnephilus lunatus, Triaenodes bicolor en Mystacides species en de vlokreeft Gammarus roeseli genoemd worden. De beek heeft in het zomerhalfjaar te weinig water voor een florerende macrofaunagemeenschap.

In de bovenstrooms van de Veengoot gelegen Zilverbeek worden dezelfde omstandigheden aangetroffen als bij de bovenlopen van de Baakse Beek, zeer ijzerrijk water die de ontwikkeling van de macrofaunagemeenschap beperkt. De Veengoot heeft net als de Baakse Beek een macrofaunagemeenschap die past bij een watergang met beperkte stroming, zoals M1a watertype (zoete gebufferde sloten). Hier domineren algemene waterwantsen, libellen (waterjuffers) en kevers.

In de Oosterwijkse Vloed worden geen stromingsminnende soorten aangetroffen die horen bij een R5-beeksysteem. Slakken, mossels en waterwantsen domineren in deze watergang.

De macrofaunagemeenschap in de Grote Beek wordt gedomineerd door soorten die niet afhankelijk zijn van stroming. Er zijn vooral soorten die geassocieerd worden met stagnant water en een veenachtige bodem met veel dood organisch materiaal (ditritus).

Literatuur

[010A] Referenties en maatlatten voor natuurlijke watertypen voor de kaderrichtlijn water, 2015-2012 (Rapport, 2012).

[011A] Omschrijving MEP en maatlatten voor sloten en kanalen voor de kaderrichtlijn water (Rapport, 2007)

[012A] Waterrapport 2008-2011 (Rapport, 2012)

[013A] Waterrapport 2011-2014 (Rapport, 2015)

[014A] KRW factsheets (factsheets, 2013)

[015A] Factsheets waterlichamen Actualisatie waterkwaliteitsopgave Periode 2016-2021 (Factsheets, 2014)

[015BB] Ecologische inrichtingsvisie Grote Beek: De ecologische mogelijkheden in het stroomgebied Grote Beek (Rapport, 2004).

[016A] Evaluatie van 23 jaar macrofauna-monitoring bij Waterschap Rijn en IJssel (Rapport)

[016BB] Gebiedsrapportage KRW, Waterlichaam Grote Beek (Rapport, 2008)

[017BB] Gebiedsrapportage KRW Waterlichaam Veengoot (Rapport, 2008).

[018BB] Gebiedsrapportage KRW Waterlichaam Oosterwijkse Vloed (Rapport, 2008).

[019A] Hoofdrapportage KRW voor het beheergebied van waterschap Rijn en IJssel (Rapport, 2007)

[019BB] Gebiedsrapportage KRW Waterlichaam Baakse Beek (Rapport, 2008).

[021A] Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2008 (Rapport, 2008)

[022A] Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2012 (Rapport, 2012)

[023A] Visplan Rijn en IJssel, Deel 1: algemene uitwerking (Rapport, 2013)

[024A] Visplan Rijn en IJssel, Deel 2: gebiedsgerichte uitwerking in factsheets (Rapport, 2013)

[025BB] Gebiedproces Baakse Beek-Veengoot, Bouwsteen Water (Rapport, 2010)

[026A] Recreatief medegebruik van EVZ, Hen en SED in Waterschap Rijn en IJssel, ecologische effecten en inpassingsbeoordeling (Rapport, 2007)

[026BB] Landschapsherstel in de stroomgebied van de Baakse Beek-Veengoot, ‘Naar een duurzaam landschap’ (Rapport, 2007)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.

Websites

Waterrapport 2011-2014 op sharepoint: http://sharepoint.wrij.nl/plein/Organisatie/KA/Gedeelde%20%20documenten/Waterrapport%20definitief.pdf#search=waterrapport

http://www.wrij.nl/waterbeheerplan/


visp st kemperman

Aanleg vispassage stuw Kemperman

vispassage GB st broekstr

Aanleg vispassage Grote Beek, stuw Broekstraat