Landschap & landgebruik

Landschap

Elk landschap is opgebouwd uit een groot aantal, min of meer natuurlijke en niet natuurlijke elementen die elk het resultaat zijn van: klimaat, geologische gesteldheid, reliëf, bodem, water, flora, fauna en/of de mens. Door het menselijk handelen en de natuur is er altijd beweging en is er geen sprake van een statisch landschap.

Het beheersgebied van de Berkel en vooral het oostelijk deel ervan, bestaat hoofdzakelijk uit kampenlandschap en natte heide-ontginningslandschap. Meer westelijk, bij Ruurlo is broekontginningslandschap te vinden op de plaats van het voormalige Ruurlose Broek. Langs de grote delen van de Berkel en de Bolksbeek ligt een smalle strook rivierweidelandschap. Meer centraal en in het westen is essenlandschap aanwezig, zoals op de Lochemse berg, bij Borculo, Eibergen en ten noorden van Zutphen. In het westen van het beheersgebied worden de eerder genoemde landschappen afgewisseld met landgoederen- en boslandschap.

Kampenlandschap

Tussen de langgerekte dekzandruggen is het kampenlandschap ontstaan. Het kampenlandschap bestaat niet uit grote akkercomplexen, maar uit individuele akkers. De boerenbedrijven voeren een gemengde bedrijfsvoering, een combinatie van akkerbouw en veeteelt. Ieder kamp bestaat uit akkers op de hoger gelegen dekzandrug, grasland langs de beekjes en het boerenerf op de flanken van de rug. Omdat de grond vaak arm was, brachten de boeren mest en heideplaggen als bemesting op het land. Honderden jaren bemesting zorgden ervoor dat de akkers steeds hoger werden, met een vrij steile rand. Om de gewassen te beschermen tegen wind, werden ze omgeven met houtwallen en houtsingels. Wegen volgden de hogere delen in het landschap en hadden hierdoor vaak een bochtig verloop.

Essenlandschap

Op de overgang van de droge stuwwal naar de nattere gronden liggen de essen, ook wel enken of engen genaamd. Het essenlandschap wordt gekenmerkt door de afwezigheid van watergangen en beplanting. Het zijn infiltratiegebieden met snelle oppervlakkige afvoer over de open akkers. Soms zijn houtwallen aangelegd ter bescherming tegen wildvraat of oprukkende stuifzanden. De essen hebben een bolle ligging met soms steilranden aan de rand. Het wegenpatroon bestaat uit een mix van traditioneel rechte en slingerende wegen terwijl de bebouwing is geconcentreerd aan de benedenrand.

Heideontginningslandschap

Lange tijd bleven de heidegebieden onbewoonbaar. Bij de ontginning van de heide rond 1900 ging men rationeel te werk. Dit is te zien aan de rechte lijnen: zo veel mogelijk rechte wegen en rechte percelen. Grasland en bouwland komen beide veel voor. Er wordt onderscheid gemaakt tussen droge en natte heideontginning. In de nattere gebieden vormen watergangen vaak de kavelgrens. In de drogere gebieden is vaak sprake van infiltratie (het in de bodem brengen van water). Het landschap was in het verleden besloten door houtwallen en houtsingels op de hogere delen en knotbomen in de lagere gebieden. Tegenwoordig is het heideontginningslandschap meer open, doordat veel beplanting is verdwenen. De bebouwing is verspreid over het landschap.

Broekontginningslandschap

Het broeklandschap ligt in de lage zones van het dekzandgebied. Het is daardoor vaak erg vlak en nat. ‘Broek’ betekent moerassig beekdal. Veel broeklanden waren daarom voor de landbouw onbruikbaar. Door een verbeterde manier van afwatering konden de gronden in de loop van de 19e eeuw ontgonnen worden. Ze werden ingezet als weiden voor het vee. Het betreft een open landschap met weinig en verspreide bebouwing en beplanting. Tegenwoordig komen de voormalige broekgebieden weer in beeld bij beekherstel.

Bos- en landgoederenlandschap

Het bos- en landgoederenlandschap hebben oude laanstructuren en bosgebieden, afgewisseld met boerderijen en agrarische percelen. In het watersysteem zijn historisch oude patronen terug te vinden, zoals grachten, vijverpartijen en aanvoersystemen voor watermolens. De boerderijen liggen langs de randen met eenmansesjes. Veel boerderijen behoren tot een landgoed. In de kleurstelling van de panden is dat nog terug te zien. De erven worden getypeerd door hun losse opzet, met onregelmatig verspreide bebouwing, boomgroepen, boomgaarden en bijgebouwen als bakhuisjes en hooibergen. Naast de landgoederen en boerderijen is er weinig bebouwing. De bossen variëren van eeuwenoude loofbossen, landgoedbossen tot aangeplante productiebossen van naaldbomen. In het bos- en landgoederenlandschap zijn nog vele zandpaden te vinden. Het patroon van wegen volgt de verkaveling, in de oudere loofbossen slingeren de wegen en in de naaldbossen zijn de wegen recht. Vanwege de afwisseling en kleinschaligheid heeft dit landschap een grote recreatieve aantrekkingskracht.

Grondgebruik

Het beheersgebied van de Berkel (en ook de Schipbeek) valt op door het relatief kleine aandeel akkerbouw, namelijk slechts 4%. Het beheersgebied is vooral agrarisch, en vooral grasland 65 %. Van het totaal is er 17% bos- en natuurgebied. Dit ligt voor een groot deel tussen Lochem en Zutphen. Hiernaast nemen wegen en woonkernen nog eens 12 % in beslag, dit zijn o.a. de stedelijke kernen: Zutphen, Lochem, Borculo, Eibergen en Winterswijk. In Duitsland is er veel akkerbouw, maar ook bebouwd gebied, grasland en bos. Er is geen grootschalige industrie langs de Berkel.

LGNKaart 2.5: Landgebruik kaart Berkel (2003)

Tabel 2.1: Verdeling van landgebruik in het beheersgebied Berkel naar hoofdklassen (LGN6)

t2.2

Literatuur

[001B] Onderzoeksrapport bij: Aanvullend GGOR (gewenst grond- en oppervlaktewaterregiem) Benedenloop Berkel (Rapport, 2011)

[004A] Gij beken eeuwig vloeiend; Water in de streek van Rijn en IJssel’ (Boek, 2000).

[006B] Berkel visie (Rapport, 2005)

[007B] Uitwerking model Ruimte Berkelvisie

[019B] beleef de natuur in Winterswijk (Boek)

[020B]   Landgoed Ampsen, verleden heden en toekomst van een landgoed in particulier eigendom (Boek)

[021B] Een duurzaam natuurgebied in de Achterhoek, een ecohydrologisch onderzoek op het Kranengoor (Rapport)

[026B] Gemeente Lochem, Ontwerp bestemmingsplan buitengebied (Rapport,2010)

[027B] Ontgonnen verleden Regiobeschrijvingen provincie Gelderland (Rapport, 2009)

[028B] Achterhoek in Topvorm, Geïntegreerd natuur en landschapsbeheer in het Achterhoekse landschap (Rapport, 2009)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten