Berkel en zijtakken

In Duitsland overbrugt de Berkel in 70 km een hoogteverschil van 127 tot 24 m+NAP (1,5 ‰). Bij de grens is de Berkel circa 12m breed en ligt de bodemhoogte op 24 m +NAP. Bij de uitstroom in de IJssel is de bodemhoogte nog maar 4 m+NAP en 24 meter breed. Het verhang in het Nederlandse deel is gemiddeld 0,44 ‰. De beperkte toename in breedte komt door de drie afwatermogelijkheden naar het Twentekanaal. Vlak voor de splitsing met de Bolksbeek, bij Haarlo is de Berkel al 35 m breed. Om het hoogteverschil op te vangen zijn er in Nederland 14 automatische stuwen en 3 vaste overlaten aangelegd. Hiervan wordt de laatste voor 2021 vispasseerbaar gemaakt, namelijk stuw Hoge Weide bij Lochem.

De Berkel ligt afwisselend hoog of juist laag in het landschap. In het bovenstroomse deel is de omgeving relatief hoog en ligt de waterbodem van de Berkel laag (zie kaart 2.3). Tussen Borculo en Lochem ligt de Berkel ook relatief diep. Tussen Eibergen en Borculo en benedenstrooms van Lochem ligt de Berkel dichter aan het maaiveld.

In het westen is er een vernuftig watersysteem. De watergangen langs de Berkel hebben vaak een relatief laag peil in vergelijking met de Berkel en lozen overtollig water vaak benedenstrooms, na een stuw. Voordelen hiervan zijn minder kans op wateroverlast in natte periodes en de inlaatmogelijkheid in droge periodes.

Berkel in Duitsland

De Berkel ontspringt bij Billerbeck in Duitsland aan de westelijke helling van de Baumberge en heeft hier een bodemhoogte van 127 m+NAP. Het Duitse deel van de beek overbrugt in 70 km een hoogteverschil van 104 meter. Dit resulteert in een gemiddeld verhang van 1,5 ‰. Alleen in het bovenstroomse deel van de Berkel in Duitsland heeft de beek een natuurlijk verloop. Benedenstrooms van Vreden is de beek, net als in Nederland, genormaliseerd met uniforme dwarsprofielen, kaden en stuwen.

In Duitsland ontvangt de Berkel water vanuit verschillende zijtakken, de voornaamste zijn:

  • Olbach (19 km lang en 57 km2 groot);
  • Felsbach (10,5 km lang en 19,5 km2 groot);
  • Honig Bach (12 km lang en 21,6 km2 groot).

Het verhang in het Duitse deel van het stroomgebied is veel groter (1.49 ‰) dan het verhang in het Nederlandse deel van het stroomgebied (0,4-0,6 ‰). Door het grote verval in Duitsland en het geringe bergend vermogen van de bodem (zie bodem en ondergrond), stroomt het water zeer snel vanuit het Duitse stroomgebied naar Nederland. Ook onder normale omstandigheden heeft de beek in Duitsland het karakter van een snelstromende beek. Hogere stroomsnelheden gaan gepaard met zandtransport. Ter hoogte van de grens neemt het verhang sterk af en neemt de breedte van de Berkel toe waardoor sediment bezinkt. Om sediment op te vangen is er ter hoogte van de grens een zandvang aangelegd (zie Beheer en onderhoud).

Berkel tussen Rekken en Haarlo

De Berkel komt bij Rekken Nederland binnen. Tussen de grens en Haarlo is het verhang in de Berkel gemiddeld 0.59‰. Er zijn 3 vaste overlaten tot de overgang van steil naar vlak, ongeveer bij Eibergen. Hier ontstaat snel een teveel aan water. Mede om die reden is de beek in Nederland breder en meer genormaliseerd en voorzien van kaden en stuwen. Ook is er het reductiereservoir Mallum-Eibergen ingericht. Dit gebied is landbouwkundig in gebruik en mag pas ingezet mag worden bij extreem hoge afvoer van 81 m3/s op de Berkel (zie afvoerkarakteristieken).

De Ramsbeek heet in Duitsland Ramsbach en stroomt na 5.5 km Nederland binnen. Het Nederlandse deel is 5.2 km lang en mondt net ten oosten van Eibergen uit in de Berkel. De beek ontvangt water uit de Veengoot die ontspringt ten noorden van de Leemputten en het Zwillbrocker Venn. De beek heeft een aanzienlijk verhang van 0.89‰. Het laatste deel van de beek wordt voorzien van Berkelwater, dat bij zandvang van Rekken wordt ingelaten en via de Afwatering van Zuid Rekken naar de Ramsbeek stroomt. Deze waterstroom is ook bedoeld als vismigratieroute voor de Berkel (zie kaart 3.2).

3.2 reservoir

Afbeelding 3.2. Reductiereservoir Eibergen en vispassage via Ramsbeek en Afwatering van Zuid Rekken (groen)

Bij verdeelwerk Haarlo wordt het water verdeeld over de Berkel en de Bolksbeek. Het verdeelwerk is volledig geautomatiseerd en functioneert volgens een vast regelschema. Net voor het verdeelwerk Haarlo ligt een grote inlaat richting Haarlo en de Leerinkbeek, inlaat Hanninkgoot en een kleine inlaat richting het Schipbeek gebied (zie kaart 3.3).

berkel waterverdeling

Kaart 3.3: Waterverdeling beheersgebied Berkel

Bolksbeek

De Bolksbeek verbindt de Berkel bij Haarlo met het Twentekanaal. Voor de aanleg van het Twentekanaal was de Bolksbeek een relatief grote beek die uitmondde in de Schipbeek. Door de aanleg van het Twentekanaal is de Bolksbeek in tweeën geknipt. Een relatief kleine loop ten noordwesten van het Twentekanaal in het beheersgebied van de Schipbeek en een gekanaliseerd deel ten oosten van het Twentekanaal. Het oostelijke deel vormt de scheiding tussen het watersysteem van de Berkel en de Schipbeek.

De Bolksbeek is een circa 12 km lange, volledig gekanaliseerde en genormaliseerde beek. Bij Verdeelwerk Haarlo wordt het water volgens een regelschema verdeeld tussen de Berkel en de Bolksbeek. De Bolksbeek ontvangt geen water van zijtakken en is over de gehele lengte ongeveer 13 m breed. Het verval in de Bolksbeek is aanzienlijk, ongeveer 6 meter. De helft van dit hoogteverschil vindt plaats bij het Verdeelwerk Haarlo. Hierna wordt het hoogteverschil opgevangen door 8 overlaten. De stroomsnelheden in de beek zijn meestal beperkt. Echter bij grote Berkelafvoeren is het een belangrijke watergang, er wordt dan tot maximaal 48 m3/s afgevoerd naar het Twentekanaal (zie afvoerkarakteristieken). In droge periode worden vijf inlaten gebruikt om omliggende gebieden van water te voorzien. Twee richting het beheersgebied van de Schipbeek en drie richting de Grote Waterleiding (zie kaart 3.3).

Berkel tussen Haarlo en Lochem

Vanaf het verdeelwerk bij Haarlo stroomt de Berkel richting Borculo en vervolgens Lochem. Door de afsplitsing van de Bolksbeek is de Berkel hier nog ongeveer 17 m breed. Tussen verdeelwerk Haarlo en Borculo is de Berkel opgeleid en ligt hoog in het landschap (dit is van ouds her een gegraven tracé, zie afbeelding 2.1). Bij stuw Hoge Brug wordt er water ingelaten naar het centrum van Borculo. Vroeger liep de hoofdstroom van de Berkel door het stadje, nu ligt deze noordelijker. Net Benedenstrooms van Borculo, ter hoogte van stuw Beekvliet, stroomt de Groenlose Slinge in de Berkel. Dit is de belangrijkste zijtak, op dit punt qua debiet vergelijkbaar met de Berkel.

In dit deel van de Berkel zijn inlaten naar de aanliggende stroomgebieden ten noorden en zuiden van de Berkel. Op deze manier worden de watergangen zo lang mogelijk op peil gehouden in droge perioden (zie peilbeheer).

De Leerinkbeek is een van de grotere zijbeken in dit traject van de Berkel. De beek ontspringt bij de grens ten westen van de Ramsbeek, bij de Leemputten en stroomt vlak voor Borculo en net benedenstrooms van stuw Hoge brug in de Berkel. Het meest bovenstroomse deel staat ook bekend als Hupselsche Beek. De Leerinkbeek heeft een groot hoogteverschil (1.15‰) over een aanzienlijke afstand van 15 km. Het stroomgebied is 4052 ha. groot. Het benedenstroomse deel wordt in zomer op peil gehouden met water uit de Berkel.

Berkel tussen Lochem en Zutphen

Verdeelwerk Lochem staat op de plaats waar vroeger de watermolen van Lochem stond. Hier kan bij grote afvoeren maximaal 35 m3/s worden afgelaten naar het Twentekanaal. Het verdeelwerk is, net als verdeelwerk Haarlo, volledig geautomatiseerd en werkt volgens een vast regelschema. Ter hoogte van het verdeelwerk is ook de inlaat naar de stadsgracht van Lochem aanwezig. Hiermee worden tevens de Nieuwe Beek en de benedenloop van de Barchemse Veengoot in Lochem op peil gehouden. De Barchemse Veengoot ligt ten westen van Lochem en is de laatste grote watergang die direct op de Berkel loost. In het traject tussen Lochem en Zutphen liggen verder weinig watergangen die lozen op de Berkel. Dit komt door de aanwezigheid van natuur met een lage dichtheid aan watergangen. Een klein gebied ten westen van Lochem wordt bemalen door gemaal Westerhold. Hier ligt ook de inlaat van het Twentekanaal naar Berkel om het gebied tussen Lochem en de IJssel tijdens droge periodes op peil te houden en door te spoelen (zie kaart 3.1). Dit is een gebied van circa 11.000 ha. Voor grote delen geldt een peilbesluit.

Barchemse Veengoot

De Barchemse Veengoot is een bijna 10 km lange en maximaal 5 m brede gegraven watergang die “Het Veen” ontwatert. Het stroomgebied is circa 2419 ha groot. De Barchemse Veengoot is gelegen tussen Barchem, de Wildenborch en Lochem en heeft nauwelijks hoogteverschil, slechts 0.15‰. De ‘bovenloop’ valt in perioden met weinig neerslag droog. De onderste twee stuwpanden blijven wel watervoerend. Tijdens deze droge perioden wordt het onderste stuwpand gevoed door water uit de stadsgracht van Lochem en de Nieuwe beek. Een deel van het water wordt door gemaal Koedijk opgepompt naar het tweede stuwpand.

Afleidingskanaal en Berkel bij Zutphen

3.4 zutphen

Kaart 3.4: Doorstroming van Zutphen vanuit de Berkel

Oorspronkelijk stroomde de gehele afvoer van de Berkel door de stad Zutphen om daar uit te monden in de IJssel. Als gevolg hiervan trad regelmatig wateroverlast op in en rondom Zutphen. Nu splitst de Berkel zich ten oosten van Zutphen, bij de stuw Warken, in het afleidingskanaal en de Berkel (zie kaart 3.4). Het kanaal is circa 3 km lang, heeft een klein afwaterend oppervlak van circa 430 ha en mondt uit in het Twentekanaal, westelijk van het sluiscomplex Eefde. De breedte van het kanaal is overal ongeveer 26 meter. Langs het afleidingskanaal liggen kades die zijn aangewezen als regionale kering (zie waterveiligheid).

De Berkel zelf stroomt door Zutphen. Onder normale omstandigheden wordt er circa 1m3/s water door Zutphen geleid, het grootste deel stroomt via het Afwateringskanaal richting het Twentekanaal. Na stuw Warken zijn diverse verdeelmogelijkheden. Een deel van het water wordt voor Zutphen naar het zuiden geleid waar het verder wordt verdeeld over de diverse watergangen van het stedelijke gebied van Zutphen. Het andere deel stroomt via de Berkel door Zutphen. Met de stuwen Kattehaven en Houtwal wordt het peil en de afvoerverdeling in het centrum van Zutphen geregeld. De Berkel mondt op twee manieren uit in de IJssel in Zutphen, bij stuw Kattenhaven en bij gemaal Helbergen (zie figuur 3.1).

Vlak voor gemaal Helbergen mondt de Vierakkerselaak uit in de Berkel. Het stroomgebied van de Vierakkerselaak ligt ten zuiden van de Berkel. De Afwatering van de Boggelaar is de bovenloop van de Vierakkerse Laak en ontspringt ten noorden van Vorden. Samen zijn de beken ruim 13 km lang, met een verhang van 0.63‰. De breedte is maximaal 15 m. Door waterinlaat vanuit de Berkel zijn benedenstroomse delen van de Vierakkerselaak meestal watervoerend, behalve tijdens zeer lage IJsselstanden.

Voor de Berkel zelf en in het deel dat water kan ontvangen uit het Twentekanaal geldt een peilbesluit (zie peilbeheer).

f3.1 verdeling

Figuur 3.1: Waterverdeling(zomer situatie) op de Berkel bij Zutphen

Literatuur

[001B] Onderzoeksrapport bij: Aanvullend GGOR Benedenloop Berkel (Rapport, 2011)

[004A] Gij beken eeuwig vloeiend; Water in de streek van Rijn en IJssel’ (Boek, 2000)

[004B]   Historisch Waterbeheer, een benadering van historische watersystemen: definities en voorbeelden (Rapport, 2005)

[005B] De Berkel beschouwd (Boek)

[009B] Gewässersteckbrief Berkel (Factsheet)

[010B] Onderzoeksrapport bij: Aanvullend GGOR Benedenloop Berkel (Rapport 2011)

[011B] Hydrologisch Onderzoek in het Leerinkbeekgebied (Rapport, 1970)

[029B] Detailkaart watersysteem Berkel, bijlage 3 Calamiteitenbestrijdingsplan wateroverlast en watertekort) (Kaart, 2013)

[031B] Gebiedsgroeprapportage Barchemse Veengoot (rapport, 1-2008)

[032B] Gebiedsgroeprapportage Berkel (rapport, 1-2008)

[033B] Gebiedsgroeprapportage Bolksbeek (rapport, 1-2008)

[037B] Gebiedsgroeprapportage Leerinkbeek (rapport, 10-2007)

[039B] Gebiedsgroeprapportage Ramsbeek (rapport, 10-2007)

[041B] Gebiedsgroeprapportage Vierakkerselaak (rapport, 10-2007)
Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.


Zandvang (lokale verbreding van de beek waarin zand sedimenteert zodat het niet de beek stroomafwaarts verondiept) bij Rekken

Kaart 3.1 Watersysteem Berkel

Figuur 3.1 waterverdeling bij Zutphen