Afvoerkarakteristieken

Onder droge omstandigheden heeft slechts een deel van de watergangen noemenswaardige afvoer, dit zijn de grotere watergangen en de sprengenbeken bij de Veluwe. De afvoer in de overige watergangen stagneert of de watergangen vallen zelfs droog. Droogvallende watergangen liggen:

  • Dicht bij de grote rivieren (Pannerdensch Kanaal en IJssel). Dit komt door de drainerende werking van de grote rivieren bij lage waterstanden.
  • Stroomopwaarts, zoals bij de Stuwwal van Montferland

De belangrijkste debietmetingen in het gebied zijn bij de gemalen Liemers, Bevermeer en Kandia. De metingen geven informatie over de waterafvoer uit de Liemers, Bevermeer en Oude Rijn. Het gemaal Velperwaarden is illustratief voor de afvoer van water uit het stedelijke gebied van Arnhem en Velp (niet van alle gemalen in Arnhem zijn debietgegevens beschikbaar).

  • Het meest voorkomende debiet bij Gemaal Liemers is ongeveer 0.35 m3/s, bij gemaal Bevermeer 0.7 m3/s. Tussen 2005 en 2014 zijn hier de grootste debieten doorgaans in de winter waargenomen;
  • Het meest voorkomende debiet bij Gemaal Kandia in de Oude Rijn is 0.3 m3/s. Bij de grens zijn de debieten iets kleiner, hier komt 0.2 m3/s het meest voor. Nog verder stroomopwaarts in de Lander zijn debieten meestal kleiner dan 0.1 m3/s
  • Bij gemaal Velperwaarden is 0.2 m3/s het meest voorkomende debiet. Bij hevige neerslag kunnen debieten oplopen tot enkele m3 per seconde.

Tabel 4.6 Afvoerkarakteristieken in Liemers Veluwe

4.6

Literatuur

[006A] De wateropgave voor Waterschap Rijn en IJssel (Rapport, 2002)

[012LV] Het Veluwse sprengenlandschap; Een cultuurmonument (Rapport 2002)

L003LV] Draaiboek: Wateroverlast Stroomgebied Liemers/Veluwe (Rapport 2014)

http://waterdata.wrij.nl/

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.