Bodem en ondergrond

Het beheersgebied Liemers Veluwe bestaat voor 38% uit zandige ondergrond (vooral op de Veluwe en Montferland). In de Liemers, Bevermeer en Oude Rijn is vooral kleiige ondergrond te vinden. De Veluwe en Montferland zijn de hogere delen binnen het beheersgebied, de rest ligt relatief laag.

Oude Rijn

Het merendeel van het gebied Oude Rijn bestaat uit relatief laaggelegen rivierkleigebied met hoogtes tussen de 10 - 20 m+NAP. De bij ‘s-Heerenberg gelegen stuwwal van Montferland vormt een uitzondering met een andere bodemopbouw en hogere ligging (zie kaarten 2.2 en 2.4).

De stuwwal van Montferland is ontstaan in de voorlaatste ijstijd (150.000 jaar geleden). Door de druk van het landijs en gletsjer werd sediment vooruit geduwd en opgestuwd. De stuwwal kenmerkt zich met zandige podzol en zandvaaggronden (zie kaart 2.2).

Het gebied tussen deze stuwwal en het Grenskanaal bestaat uit (overstroomde) terrasvlaktes (zie kaart 2.3). Het zijn overblijfselen van oude Rijnafzettingen die dateren uit het Laat-Glaciaal en behoren tot de Formatie van Kreftenheye, met grove, grindhoudende zandlagen.

Kaart 2.2: Bodem van beheersgebied de Liemers Veluwe (vereenvoudigde legenda)

Het gebied van de Rijnstrangen (ten zuiden van Zevenaar) is in vroegere tijden gevormd door rivierafzettingen bij overstromingen en meanderprocessen. De geologie in het gebied bestaat uit een 2 - 6 meter dikke deklaag van Holocene rivierklei, dit is duidelijk te zien op de bodemkaart van het gebied (kaart 2.2). De geomorfologie wordt bepaald door meanderruggen en -geulen en rivieroeverwallen rondom de Oude Rijn (zie kaart 2.3). Door eeuwenlange invloed van sedimentatie- en erosieprocessen kan de compactheid van de rivierklei over relatief korte afstand variëren. Onder de deklaag bevindt zich een watervoerend pakket van enkele tientallen meters dik, gevormd door grove, grindhoudende zandlagen van de formatie van Kreftenheye. Onder het eerste watervoerende pakket komt een scheidende laag voor, in het zuiden en midden van het gebied kan de dikte van dit pakket oplopen tot 40 m terwijl meer naar de randen deze laag veel dunner is of zelfs niet voorkomt.

Kaart 2.3: Geomorfologische kaart Liemers Veluwe (legenda)

De Liemers

Het gebied kenmerkt zich door geringe hoogteverschillen. Aan de zuidrand van de Liemers bevindt zich een oeverwal van de Oude Rijn met een hoogte van 12 m+NAP. Noordelijk van de oeverwal liggen lagere rivierkomvlakten op 7-9 m+NAP. De Liemers kenmerkt zich met een 1 à 2 m dikke deklaag van Holocene rivierklei afzettingen. Onder deze deklagen in de Liemers en Bevermeer bevindt zich een watervoerend pakket van enkele tientallen meters dik, gevormd door grove grindhoudende zandlagen van de formatie van Kreftenheye. Plaatselijk kan een scheidende kleilaag voorkomen, tot een meter dik.

Bevermeer

Het gebied kenmerkt zich door de hoogteverschillen tussen het noordelijk deel van de stuwwal van Montferland met een hoogte tot 75 m+NAP en de lagere delen bij de IJssel (zie kaart 2.4). De geomorfologische kaart van de Bevermeer laat duidelijk de stuwwal van Montferland zien. De stuwwal van Montferland is ontstaan in de voorlaatste ijstijd (150.000 jaar geleden). Door de druk van het landijs en gletsjer werd sediment vooruit geduwd en opgestuwd. De stuwwal kenmerkt zich door zandige podzol en zandvaaggronden (zie kaart 2.2). Ten noorden van de stuwwal liggen (verspoelde) dekzandruggen (kaart 2.3). De bodem bestaat uit zandige podzol-, zandvaag- en enkeerdgronden (kaart 2.2). Nog noordelijker zijn terrasvlakten, terrasrestruggen en meanderruggen aanwezig (kaart 2.3). Hier bestaat de bodem uit rivierkleigronden, net als in de Liemers (kaart 2.2).

Veluwe

De Veluwe is net als de stuwwal van Montferland ontstaan in de voorlaatste ijstijd (150.000 jaar geleden). Door de druk van het landijs en gletsjer werd sediment vooruit geduwd en opgestuwd.

De stuwwal bestaat veelal uit zandige podzolgronden (zie kaart 2.2). De Veluwe is een groot infiltratiegebied met diepe, grofzandige bodems met diepe watervoerende pakketten. De hoogte- en geomorfologische kaart laten mooi de overgangen zien van de hoge (bedekte) stuwwal via glooiingen en verspoelde dekzanden naar lage en vlakkere delen met rivierkomvlaktes. In de uiterwaarden van de IJssel, zoals tussen Rheden en Dieren is een kenmerkend mozaïek van rivierkleiafzettingen, afgravingen en oeverwallen te zien.

Het gebied heeft hoogteverschillen, van ca. 90 m+NAP op de Veluwe tot ca. 10 m+NAP in het poldergebied in Arnhem en Velp (kaart 2.4).

hoogte

Kaart 2.4: Hoogte Beheersgebied Liemers Veluwe

Literatuur

[004A] Gij beken eeuwig vloeiend; Water in de streek van Rijn en IJssel’ (Boek, 2000).

[009LV] Geohydrologische effecten ontwikkeling Havikerwaard (Rapport 2012)

[010LV] Bureauonderzoek Spoorlijn Zevenaar – Duitse grens (Rapport 2010)

[011LV] Bureauonderzoek en Inventariserend Veldonderzoek, karterend en verkennend booronderzoek Plantsoensingels Noord en Midden te ‘s-Heerenberg, Gemeente Montferland (Rapport 2011)

[013LV] Plangebied Land van Wehl, archeologisch vooronderzoek (Rapport 2007)

[029A] Bodemkaart van Nederland, Blad 40 West Arnhem, Blad 41 Oost Arnhem (Rapport, 1983)

[030A] Bodemkaart van Nederland, Blad 41 West Aalten, Blad 41 Oost Aalten (Rapport, 1983)

Dinoloket

Bodemdata.

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten


Kaart 2.2 Hoogtekaart Beheersgebied Liemers Veluwe