Ecologie

Hydromorfologie

De hydromorfologie van alle waterlopen in het beheersgebied is sterk aangepast en deels kunstmatig. Het Waalse Water en de Boven Slinge hebben het natuurlijke karakter het meest behouden. Naast de chemische kwaliteit zijn kanalisatie, normalisatie, barrières, onnatuurlijk peilbeheer en doorgaans lage stroomsnelheden factoren die de (ecologische) waterkwaliteit beperken in het beheersgebied van de Oude IJssel. Met uitzondering van het rivierkleigebied in het westen bestaat het bodemsubstraat voornamelijk uit zand, in sommige gevallen is er een (dunne) sliblaag.

Oude IJssel: Langs de gehele Oude IJssel zijn plas-/drasbermen aangelegd in de vorm van ecologische stapstenen.

Waalse Water: Het Waalse Water (tot stuw Pelgrim) is grotendeels als oude rivierarm intact gebleven en heeft daardoor een natuurvriendelijk karakter met begroeide oevers en variatie in dwarsprofielen. De stroomopwaarts gelegen Vethuizense Reefse wetering is een genormaliseerde watergang.

Boven Slinge is een meanderende beek met veelal beboste oevers. Op bepaalde trajecten grenst de beek aan cultuurland. In het bovenstroomse deel is een brede variatie aan structuren in de vorm van dood hout, slib- en detritusbanken en stroomkuilen. Op een aantal trajecten zijn de oevers verhard met stortsteen of schanskorven. Meer benedenstrooms is de beek genormaliseerd met steile uniforme oevers.

Keizersbeek / schaarsbeek: De bovenloop van de Schaarsbeek krijgt humusrijk water vanuit Korenburgerveen. Na de Corleseweg / Vragenderweg is de beek slootachtig. In het brede ondiepe stuk groeien gras en distels. Dit deel valt droog. Het laatste deel van de Schaarsbeek en de hele keizersbeek is genormaliseerd met steile uniforme oevers. Het zelfde geldt voor de Bergerslagbeek en de Aastrang.

Vis en overige fauna

De visstand in de Oude IJssel bestaat voornamelijk uit vissoorten die kenmerkend zijn voor langzaam stromende of stilstaande wateren: brasem, pos, blankvoorn en baars. Daarnaast zijn er soorten die leven in plantenrijke wateren zoals zeelt en Ruisvoorn. Lokaal komt de meerval voor, inheemse soort die in de jaren ‘80 in de Oude IJssel is uitgezet. De soort is afhankelijk van structuurrijke oeverzones. Op plekken met meer stroming, zoals bij stuwen, komen lokaal ook stromingsminnende en habitatgevoelige soorten voor die kenmerkend zijn voor stromende, structuurrijke wateren. Voorbeelden hiervan zijn kopvoorn, beekdonderpad en winde. Wat exoten (niet inheemse planten en dieren) betreft komen zwartbekgrondel en kesslers grondel voor bij Doesburg. De marmergrondel heeft zich al verder verspreid en wordt gevangen bij stuw De Pol. Deze grondelsoorten zijn oorspronkelijk afkomstig uit de Kaspische zee en Donau en zijn via het Main-Donaukanaal het Rijnstroomgebied binnengetrokken. De visstand in de Aastrang is divers: riviergrondel, bermpje, kopvoorn en beekdonderpad zijn aangetroffen. Langs Oude IJssel en het benedenstroomse deel van de Bielheimerbeek komen sinds enkele jaren otters voor.

De Boven Slinge (stroomopwaarts van Miste) laat een gevarieerd beeld zien door de hogere stroomsnelheid en meer natuurlijke inrichting. Dit is terug te zien in de diversiteit en de aanwezigheid van bijzondere soorten als de kopvoorn, serpeling en beekprik. De vangsten van beekforel zijn afkomstig van jarenlange uitzetting in de Boven Slinge en Osink Bemersbeek. Van reproductie is geen sprake. In de benedenstoomse delen van de Boven Slinge en Bielheimerbeek lijkt de visstand op die van de Oude IJssel.

In de Bergerslagbeek, Keizersbeek, Bielheimerbeek en benedenstroomse delen van de Boven Slinge (tot stuw Miste) lijkt de visstand op de Oude IJssel. Deze traag stromende beken bevatten weinig diversiteit en vooral algemene soorten (brasem, baars, snoek, blankvoorn) en soms ook soorten kenmerkend voor waterplantenbegroeiing, voornamelijk zeelt en ruisvoorn. Migrerende en stromingsminnende soorten ontbreken veelal omdat de beken met stuwen en gecompartimenteerd en delen droogvallen of stagnant worden in droge periodes.

Vispasseerbaarheid

Via de Oude IJssel, Aastrang kunnen migrerende vissen (in de toekomst) grote delen van het beheersgebied bereiken. Het belangrijkste nog niet vispasseerbare kunstwerk is de sluis bij Doesburg. Hier zijn wel al plannen voor. Ook het Waalse Water wordt toegankelijk gemaakt voor vis, mede omdat het als kraamkamer dient voor de visstand in de Oude IJssel.

Sportvisserij

Uit sportvisserijonderzoek blijkt dat de hoeveelheid gevangen vis en ook de lengtesamenstelling van de vis in de jaren negentig sterk is afgenomen, maar de laatste jaren stabiel. Het vermoeden bestaat dat dit wordt veroorzaakt door afname in voedselrijkdom van het water en predatie door aalscholvers (zie ook recreatie).

Macrofauna (de in het water levende diertjes zoals insecten, bloedzuigers en slakken)

Van alle instromende beken in het beheersgebied van de Oude IJssel zijn de bovenlopen van de Boven Slinge en de Osink-Bemerbeek wel de parels van het beheersgebied. In de beken worden zeldzame soorten aangetroffen, zoals: kokerjuffers (Lithax obscurus, Hydropsyche pellucidula), steenvlieg (Amphinemoura) en keversoorten van de familie Limnius. De op het Winterswijkse plateau gelegen Limbeek en Scheperswaterleiding dragen natuurlijk bij aan de waardevolle macrofaunasamenstelling. Dit heeft te maken met de grote variatie in stroming en substraat door vrije meandering (proces waardoor beken en rivieren kronkelen) en de natuurlijke oeverprofielen.

Stroomafwaarts na de zandvang (lokale verbreding van de beek waarin zand sedimenteert zodat het niet de beek stroomafwaarts verondiept) aan de Winterswijkse weg in Miste krijgt de Boven Slinge een meer genormaliseerd karakter en verdwijnen de kritische soorten. De KRW-score zakt hier van klasse “goed” naar “matig”. Wel vormt de beek een geschikt biotoop voor soorten van zwak stromende wateren.

Het bovenstroomse gedeelte van de Aastrang is een groot gedeelte van het jaar slechts een meter diep en heeft een mooie zandige bodem. Dit deel van de Aastrang herbergt kritische soorten zoals de larve van de eendagsvlieg Heptagenia sp. en de zeldzame platte roofwants Aphelocheirus aestivalis. Meer benedenstrooms wordt de Aastrang dieper, zijn stroomsnelheden lager en verdwijnen de indicatieve soorten. Aan de kop van de Keizersbeek zijn de Stuwbeek, Haartse waterleiding en bovenstroomse deel van de Schaarsbeek nog te noemen als beken met bijzondere macrofaunasamenstelling.

Voor de Oude IJssel geldt hetzelfde als de Aastrang, met een waardevolle bovenloop en meer algemene soorten in de benedenloop. De grens ligt ongeveer bij de instroming van de Aastrang. In de bovenloop van de Oude IJssel verlaten in het voorjaar grote aantallen Weidebeekjuffers en meivliegen als adult het water. Vanaf de sluis “De Pol” in Gaanderen tot aan de sluis in Doesburg heeft de watergang een vaarweg bestemming en krijgt hier een sterk gekanaliseerd karakter met bijpassende macrofaunasoorten.

De overige beken hebben een temporair stromend karakter die vooral in de winter water afvoeren en een groot gedeelte van het jaar stagnant zijn. De watergangen herbergen naast stromingssoorten als vlokreeften en enkele kokerjuffers veel duikerwantsen, watertreders, slijkvliegen en erwtenmosseltjes, die allen indicatief zijn voor kanalen en sloten. De wateren worden gekenmerkt door een rijke submerse vegetatie sterrekroos en waterpest en scoren slechts “ontoereikend “ en af en toe “matig” volgens de KRW.

De laatste jaren bereiken steeds meer exoten de binnenwateren. De slijkgarnaal Corophium curvispinum en de korfmossel Corbicula sp. worden plaatselijk massaal in de Oude IJssel aangetroffen. Uit onderzoek blijkt dat de macrofaunakwaliteit en het aantal zeldzame macrofaunasoorten in veel (grensoverschrijdende) beken is verbeterd: Aastrang, de Boven Slinge, Osink Bemersbeek en Bielheimerbeek. De macrofaunagemeenschap in het bovenstroomse deel van de Oude IJssel is niet verbeterd, benedenstrooms wel.

Literatuur

[001A] Afwentelingsonderzoek oppervlaktewater Rijn-Oost (Rapport, 2012)

[010A] Referenties en maatlatten voor natuurlijke watertypen voor de kaderrichtlijn water, 2015-2012 (Rapport, 2012).

[011A] Omschrijving MEP en maatlatten voor sloten en kanalen voor de kaderrichtlijn water (Rapport, 2007)

[012A] Waterrapport 2008-2011 (Rapport, 2012)

[012OIJ] Ecologische verbindingszone Oude IJssel, Deeltraject stad Doetinchem (Rapport, 1997)

[013A] Waterrapport 2011-2014 (Rapport, 2015)

[013OIJ] Rapport Visserijkundig Onderzoek, Oude IJssel te Terborg (Rapport, 2008)

[014A] KRW factsheets (formulieren waarin de kenmerken, doelen en maatregelen voor waterlichamen worden beschreven) (factsheets, 2013)

[014OIJ] KRW-bemonstering 19 beken Waterschap Rijn en IJssel (Rapport, 2008)

[015A] Factsheets waterlichamen Actualisatie waterkwaliteitsopgave Periode 2016-2021 (Factsheets, 2014)

[015OIJ] EVZ Oude IJssel (Rapport)

[016A] Evaluatie van 23 jaar macrofauna-monitoring bij Waterschap Rijn en IJssel (Rapport)

[017A] Vissenatlas Gelderland (Boek, 2012)

[019A] Hoofdrapportage KRW voor het beheergebied van waterschap Rijn en IJssel (Rapport, 2007)

[020A] Vismigratie in de Achterhoek, Onderzoek naar vismigratie in de Schipbeek, de Groenlose Slinge en de Oude IJssel (Rapport, 2007)

[021A] Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2008 (Rapport, 2008)

[022A] Waterplanten- en vissenonderzoek in waterlichamen van Waterschap Rijn en IJssel in 2012 (Rapport, 2012)

[024A] Visplan Rijn en IJssel, Deel 2: gebiedsgerichte uitwerking in factsheets (Rapport, 2013)

[044A] Voorstel AB, Vaststellen Watervisie 2030 (2013)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.

Websites

Waterrapport 2011-2014 op sharepoint: http://sharepoint.wrij.nl/plein/Organisatie/KA/Gedeelde%20%20documenten/Waterrapport%20definitief.pdf#search=waterrapport

http://www.wrij.nl/waterbeheerplan/