Beheer en Onderhoud

Legger

De legger watergangen en bergingsgebieden is een register waarin gegevens over de ligging, vorm, afmeting en constructie van watergangen, bergingsgebieden en bijbehorende kaden en kunstwerken zijn vastgelegd (zie leggerinformatie WRIJ.nl). Daarnaast is in de legger vastgelegd wie de onderhoudsplichtigen en wat de onderhoudsverplichtingen zijn. Dit is een uitwerking van de algemene bepalingen in de Keur over gewoon en buitengewoon onderhoud. De legger geeft ook de begrenzing van de kernzone en de beschermingszone aan. In deze zones zijn de bepalingen uit de Keur van toepassing. Een wijziging in de legger kan ook een wijziging in het toepassingsgebied van de Keur betekenen. De legger bevat alleen de waterstaatswerken die WRIJ actief beheert, conform het vastgestelde beleid.

Onderhoudspaden en -stroken

Langs twee derde van de watergangen in het beheersgebied van de Oude IJssel liggen onderhoudspaden, vooral langs de grotere watergangen. Bij ruim 300 km watergangen wordt de toegang voor het onderhoud nogal eens gekregen op basis van de keur. Hier is er sprake van zogenaamde onderhoudsstroken. Het betreft vooral kleinere watergangen verspreid over het hele beheersgebied. In de gebieden tussen Varsseveld en Doetinchem en onder Winterswijk zijn veel watergangen met onderhoudsstroken te vinden.

Een deel van de oevers is voorzien van een onderhoudsstrook die 3m of breder is. Dit is de minimale breedte om met ‘breed spoor’ materieel het onderhoud te kunnen plegen. In de praktijk is echter een bredere strook nodig voor de bewegingsvrijheid van het materieel. Op veel plaatsen is er op zowel de linker als de rechter oever een ‘breed spoor’ op andere plaatsen slechts aan één zijde. Opmerkelijk is de hoeveelheid onderhoudsstroken met een breedte van 1m. Dit heeft te maken met de onderhoudssituatie uit het verleden. Er werd gebruik gemaakt van de Berkenheger en een 1 m smalle onderhoudsstrook. Inmiddels is men overgestapt op standaard materieel en is de strook te smal om het onderhoud met ‘smal spoor’ te kunnen plegen. Op veel plaatsen zijn nu afspraken gemaakt met de boeren. Tegen een gewasdervingsvergoeding kan het waterschap een strook langs de watergang gebruiken voor onderhoud.

Profieltypes

Om goede doorvoer van water in de watergangen te garanderen is onderhoud nodig. Om het onderhoud goed te kunnen uitvoeren hebben de watergangen een vastgesteld leggerprofiel. Ook zijn ze ingedeeld in leggerprofieltypes met afgestemd onderhoud. De profieltypes zeggen iets over de volgende kenmerken van een watergang:

  • Dimensionering;
  • Aanwezigheid en type van onderhoudsstroken;
  • Aanwezigheid en type kades;
  • Inrichting / bufferzone;
  • Kern / beschermingszone;
  • Natuurlijkheid;

f9.1 p2 v2

Figuur 9.2: Profieltype 2, het meest voorkomende profiel binnen het beheersgebied Oude IJssel (legenda)

Profieltype 2 is veruit het meest voorkomende profiel in het beheersgebied (en het hele waterschap). Het gaat om een watergang met aan beide zijden een onderhoudsstrook van 1.8m. Meer dan 50% van alle hoofd- en overige watergangen is ingericht volgens dit type (zie figuur 9.1). In het oosten van het beheersgebied komt ook profieltype 22 (houtwalbeek zonder werkpaden) en 1 (eenzijdig onderhoudspad) voor. Delen van de Oude IJssel, Aastrang en Boven Slinge hebben profieltype 6 (met onderhoudspaden op de kade) of 9 (onderhoudspad binnen de kade), zie ook waterveiligheid.

Onderhoudspakketten

Het onderhoud wordt gedaan volgens de veldgids. In de veldgids zijn 5 werkprotocollen opgesteld voor:

1)      Maaionderhoud

2)      Onderhoud houtwallen

3)      Onderhoud waterkeringen

4)      Onderhoudsbaggeren en herstelwerkzaamheden aan oever en onderhoudspad

5)      Begrazing.

Binnen deze protocollen wordt rekening gehouden met voorkeursperioden die zijn gebaseerd op het efficiënt uitvoeren van het onderhoud en het ontzien van beschermde flora- en faunasoorten. Het exacte onderhoud is vastgelegd in de Maaikalender op de WRIJ-website.

Binnen het protocol -voor maaionderhoud wordt er onderscheid gemaakt tussen 8 onderhoudspakketten (zie veldgids). Deze zijn gebaseerd op het watertype en breedte. In de Oude IJssel ligt ruim 194 km aan hoofdwatergangen. Van deze hoofdwatergangen is type 2 het meest voorkomend met 56%. Type twee wordt gekenmerkt door een grote bodembreedte, natuurvriendelijke werkwijze en maaifrequentie van tweemaal per jaar. Het maaisel wordt niet afgevoerd. In de niet hoofdwatergangen komt onderhoudspakket 3 het meest voor, 43% van in totaal ruim 750km. Dit zijn watergangen met een smalle bodembreedte die eenmaal per jaar geheel worden gemaaid. Dit is in lijn met de andere beheersgebieden binnen het waterschap. Opvallend is de grote hoeveelheid onderhoudspakket 9, met een beheer- en onderhoudsplan (BOP) in de hoofdwatergangen. Dit komt doordat er voor de hele rivier de Oude IJssel een BOP is.

Een BOP wordt gebruikt om na de inrichting van een projectgebied de gewenste situatie te realiseren en te onderhouden. Het plan beschrijft hoe te werk wordt gegaan en waarom juist daarvoor gekozen is. Daarnaast wordt ook de verdeling gemaakt wie welk onderdeel (wat) van het beheer en onderhoud uitvoert. De kosten en verplichtingen worden in het plan inzichtelijk gemaakt, ook om budgetten en begrotingen hierop te kunnen afstemmen.

Op plaatsen waar het maaisel niet wordt meegenomen wordt dit op de onderhoudspaden en stroken achtergelaten. Deze paden en stroken worden meerdere keren per jaar gemaaid.

Tabel 9.1 Maaipakketen in het beheersgebied Oude IJssel (werkprotocol 5, volgens veldgids [035A])

9.1

Baggeren

Baggerwerkzaamheden worden uitgevoerd op basis van metingen en een piepsysteem. Ze worden opgenomen in het baggerplan of worden ad hoc opgepakt. Gebaggerde locaties liggen versnipperd over het hele beheersgebied. In 2012 is onder andere de Oude IJssel van Doetinchem tot Stuw Ulft gebaggerd. De benedenstroomse delen van de Oude IJssel zijn al rond 2000 gebaggerd/gesaneerd.

Bij de Keizersbeek is vastgesteld dat de aanwezigheid van voedselrijke slib leidt tot het woekeren van wortelende waterplanten zoals gedoornd hoornblad.

Natuurvriendelijk beheer en onderhoud

Met de invoer van diverse natuurbeschermingswetten, KRW en de Gedragscode voor de flora- en faunawet wordt nu zowel met economische belangen van de landbouw als met ecologische belangen rekening gehouden. Ook na herinrichtingsprojecten wordt veelal een nieuw of herzien onderhouds- en beheerplan opgesteld, om de ingerichte maatregelen ook op langere tijd in zijn waarde te laten. Bij knelpunten tussen functies wordt er gezocht naar oplossingen die meerdere doelen dienen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan:

  • Minimaliseren van de frequentie waarmee de watergangen gemaaid of geschoond worden;
  • Gefaseerd maaien en schonen;
  • Het maaien en schonen op momenten dat dit zo min mogelijk schade geeft aan de natuur;
  • Afstemming peil om verdroging tegen te gaan en kwetsbare natte natuur een kans geven;
  • Aanvullende maatregelen om beschermde dier- en plantensoorten te beschermen bij werkzaamheden.

Samenwerking met Duitsland

De Oude IJssel en de Aastrang vormen op enkele plaatsen de grens, het gaat over 1.7 km langs de Oude IJssel en 2 km langs de Aastrang. Het onderhoud van de kades op Nederlands grondgebied valt onder WRIJ. De Duitse kades wordt door Duitse overheden geregeld (Deichverband Bislich Landesgrenze). Het schonen van de watergang wordt meegenomen bij werkzaamheden.

Literatuur

[017OIJ] Voorstel aan het college van Dijkgraaf en Heemraden , beheerplan vaarweg Oude IJssel 2009-2013 (Voorstel, 2009)

[020OIJ] Diverse waterbodemonderzoeken, EVZ Oude IJssel (Rapport, 2012)

[033A] Toelichting Leggertekst (Memo)

[034A] Legger watergangen en bergingsgebieden Bepalingen en toelichting (Memo)

[035A] Veldgids beheer en onderhoud, natuurwedgeving in de praktijk (Rapport, 2010)

[036A] Dwarsprofielen volgens de keur (Tekeningen, 2012)

[037A] Gedragscode Flora- en faunawet voor waterschappen (Rapport, 2012)

[038A] Programma van eisen Beheer en OnderhoudsPlan (BOP) binnen waterbeheer (Memo, 2012)

Zie bibliotheek voor digitaal beschikbare documenten.