Oproep aan kabinet: alle hens aan dek tegen droogte

Gepubliceerd op 22 juni 2020

Nederland heeft de strijd tegen het water gewonnen. Maar in de tweede ronde is de droogte een gevaarlijke  tegenstander. Daarvoor waarschuwen de Gelderse gedeputeerde Peter van ’t Hoog, dijkgraaf Hein Pieper van Waterschap Rijn en IJssel en Joost van Oostrum, voorzitter van het bestuurlijk overleg Achterhoek. Zie ook de ingezonden brief in Trouw (22 juni 2020).

Begin juni kondigde minister Van Nieuwenhuizen van infrastructuur en waterstaat aan 100 miljoen euro extra vrij te maken uit het Deltafonds om problemen door droogte het hoofd te bieden. De totale investeringen voor de komende jaren komen daarmee uit op 800 miljoen euro.

Dat is een mooi bedrag, maar deze gelden moeten slim worden ingezet. Vanuit Oost-Nederland is daarom de boodschap aan Den Haag om droogte kabinetsbreed op te pakken. Vandaag debatteert de Tweede Kamer over deze kwestie.

In de schaduw van de coronacrisis wordt droogte een alsmaar groter probleem. 2020 is het derde droge jaar op rij. Stilaan beginnen we ons te realiseren dat droogte een extreem, maar normaal onderdeel van het weerbeeld kan worden. Zo riep waterbedrijf Vitens (drinkwaterbedrijf) al in mei van dit jaar op tot zuinigheid in het gebruik van drinkwater. En dat is voor Nederlanders even wennen.

We voeren al honderden jaren een strijd tegen het water, omdat er in ons land altijd te veel van is geweest. We noemen dat ook ‘onze strijd’. En die strijd hebben we gewonnen. We hebben land veroverd op de zee, Deltawerken gebouwd en dijken tot exportproduct gemaakt En we hebben miljarden geïnvesteerd in kennisopbouw over waterhuishouding. Kijk bijvoorbeeld naar het project ‘Ruimte voor de Rivier’, om smeltwater uit andere landen te kunnen afvoeren.

Wie gaat dat betalen?

In de omgang met droogte geldt de zogenaamde verdringingsreeks (opeenvolgende reeks van maatregelen die wordt ingevoerd bij dreigende schaarste van water). De waterbehoefte voor veiligheid en het voorkomen van onherstelbare schade gaat vóór op drinkwater- en energievoorziening. En die gaan op hun beurt weer vóór op landbouw, scheepvaart, industrie en waterrecreatie.

Wiens probleem is droogte eigenlijk en wie gaat betalen? De verantwoordelijkheid en financiële stromen voor wateroverlast, watergebruik en waterzuivering zijn allemaal verdeeld en vastgelegd. Maar voor droogte is amper iets afgesproken. Alle instanties hanteren een eigen specifieke norm en hebben eigen zorgen. Als de maatregelen die ze zelf hebben voorgesteld maar uitgevoerd kunnen worden.

Droogte is van niemand

Daarmee loop je dus het risico dat droogte van niemand is. Terwijl we belangrijke keuzes moeten maken: wie krijgt het water? Gaat het naar de Randstad waar meer mensen wonen, of richting het oosten van het land, zodat het daar bestemd kan worden voor onder meer de landbouw?

De Nederlandse School voor Openbaar Bestuur stelt in een essay dat in de strijd tegen droogte alle partijen nodig zijn, niemand uitgezonderd. Er is geen kant-en-klare oplossing. Met name de Achterhoek heeft dat laatste al moeten ervaren .

Vanuit de regio wordt droogte zeer serieus genomen. We hopen dat de betrokken Haagse ministeries dat gezamenlijk nog meer gaan doen. De kabinetsvisie op de aanpak van stikstofuitstoot, uit april, repte namelijk met geen woord over droogte. Ook in actuele Haagse plannen over wonen en kringlooplandbouw komt het woord nauwelijks voor.

Het kan toch niet zo zijn dat de verantwoordelijken voor belangrijke thema’s weinig rekening houden met droogte? Droogte kan niet enkel en alleen vanuit de waterhoek aangepakt worden, daarvoor is het probleem te omvangrijk. We moeten met elkaar 180 graden anders denken. Van overvloed naar schaarste van water. Beleidsmakers vanuit verschillende terreinen moeten hierin samen optrekken. Dat vraagt volgens ons de aandacht van het gehele kabinet.

Doen we dat niet, dan verliezen we dit keer wel ‘de strijd met het water’ en verdampen de gelden die er nu voor zijn uitgetrokken.