Het project en het milieu

Gepubliceerd op 21 januari 2020

Voordat het project wordt uitgevoerd, moet in beeld worden gebracht wat de mogelijke effecten voor het milieu zijn.

In eerste instantie wordt dat gedaan met een m.e.r.-beoordeling (m.e.r. staat voor milieueffectrapportage). Daarin wordt in hoofdlijnen bekeken welke milieueffecten (positief of negatief) er zouden kunnen zijn voor onder andere de aspecten natuur, de waterhuishouding, de archeologie en de leef kwaliteit van de omwonenden.

Op basis van deze beoordeling besluit de provincie dat de milieueffecten uitvoeriger onderzocht moeten worden met een Milieueffectrapportage (MER). Dit laatste gebeurt alleen als uit de m.e.r.-beoordeling duidelijk wordt dat er significant negatieve milieueffecten zullen optreden als gevolg van de werkzaamheden aan de kade.

De milieueffecten van versterking Rijnkade

Ook voor dit project is een m.e.r.-beoordeling opgesteld. Conclusie: voor de meeste aspecten zijn geen negatieve milieueffecten of zijn ze zelfs beperkt positief. Voor een enkel aspect zoals de leefbaarheid is deze beperkt negatief in de uitvoeringsfase van het project. Er zal dan namelijk overlast zijn als gevolg van de werkzaamheden, zoals geluidsoverlast.

Gezien de beperkte en merendeels tijdelijke effecten zal de provincie Gelderland zeer waarschijnlijk besluiten dat er geen Milieueffectrapportage (MER) nodig is.

M.e.r.-beoordeling en besluit provincie inzien?

De m.e.r.-beoordeling en het besluit van de provincie Gelderland liggen te zijner tijd ter inzage. Zodra het besluit van de provincie is genomen, zullen wij dit kenbaar maken op onze website. Abonneer u via RSS op onze nieuwsberichten zodat u hiervan een bericht krijgt. De stukken kunt u dan overigens ook online inkijken.