Hoe doen we dit?

Gepubliceerd op 16 maart 2017

In lijn met de essenties van de Visie Buurserbeek (2002) is een inrichtingsprincipe uitgewerkt waarin zomerbedversmalling en winterbedverbreding centraal staan. Het inrichtingsprincipe is opgeknipt in 2 deeltrajecten.

Bovenstrooms Oostendorper watermolen

Bij het deel bovenstrooms van de Oostendorper watermolen (traject 2; oostelijk deel plangebied), met een sterk landbouwkundig karakter, zal er ruimte (grond) gezocht worden voor waterberging, de aanleg van stapstenen en een natuurvriendelijke inrichting van de beek. Nadrukkelijk wordt in dit traject gezocht naar combinatiemogelijkheden met landbouwkundig (mede)gebruik van de gronden.

Benedenstrooms Oosterdorper watermolen

Bij het deel benedenstrooms van de Oostendorper watermolen (traject 1; westelijk deel plangebied), met overwegend natuurgronden en landgoederen van het Lankheet en het voormalige Assink, wordt er meer ruimte in de breedte gezocht voor beekdalherstel, waterberging en natuur. In dit deelgebied is het verkrijgen van de juiste grondposities een minder ingrijpende opgave, aangezien Landgoed Lankheet de benodigde gronden grotendeels in eigendom heeft en mee wil werken aan de ontwikkelrichting.

Meedenken

De opgaven, eisen en wensen voor de Buurserbeek en de directe omgeving wordt in kaart gebracht en vertaald in een visie. De omgeving en betrokken stakeholders worden actief benaderd om mee te denken bij het opstellen van deze visie. Na het opstellen van de visie wordt een nadere uitwerking (voorlopig en definitief ontwerp) gemaakt met de direct betrokkenen voor de twee deeltrajecten en volgen uiteindelijk de vergunningenprocedures en de uitvoering.